Mansveld informeert Tweede Kamer over buitengebruik

19-12-2014
Staatssecretaris Mansveld (I&M) heeft de Tweede Kamer geïnformeerd over het beleid ten aanzien van buitengebruik van rodenticiden. Mansveld onderschrijft de oplossingsrichting waar de NVPB zich sinds 2012 sterk voor heeft gemaakt.
 
Afgelopen week heeft Staatssecretaris Mansveld van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu antwoord gegeven op diverse vragen van Tweede Kamerlid Helma Lodders (VVD) over rattenoverlast en het buitengebruik van rodenticiden. Tevens is een brief aan de Tweede Kamer verstuurd. In deze Kamerstukken wordt het beleid voor buitengebruik van rodenticiden nader toegelicht.
 
De belangrijkste punten:
  • Meldingen van rattenoverlast nemen sinds 2012 toe (cijfers KAD)
  • Het overheidsbeleid richt zich op professionalisering van plaagdierbeheersing
  • Gelijke behandeling van plaagdierbranche en agrarische sector
  • Buitengebruik rodenticiden kan worden toegestaan, mits toepassing van IPM is geborgd
  • Borging van IPM-gebruik door middel van certificering, scholing en examinering
  • Aan eisen voor certificering, scholing en examinering moet in 2017 zijn voldaan
  • Tot 2017 geldt een overgangsregeling: melden bij ILenT en toepassen van IPM
  • Buitengebruik is beperkt tot rodenticiden die daarvoor zijn toegelaten
  • Overheid en de branche zetten in op efficiënt en kosteneffectief proces
 
Hierna volgt een uitgebreidere toelichting op de bovenstaande punten.
 
Overlast en risico’s rodenticiden
Uit de Kamerstukken volgt dat het aantal meldingen van overlast van ratten in Nederland sinds 2012 toeneemt. Dit wordt gestaafd met cijfers van het Kenniscentrum Dierplagen (KAD). Als mogelijke oorzaak van de stijging wordt gewezen op een toenemend voedselaanbod voor ratten. Ook staat Mansveld stil bij de risico’s van het buitengebruik van rodenticiden. Met name de doorvergiftiging van vogels, de ontwikkeling van resistentie onder ratten en een hoog risico voor persistentie, bio-accumulatie en toxiciteit (PBT) hebben ertoe geleid dat het Ctgb afgelopen zomer heeft besloten het buitengebruik van rodenticiden niet meer toe te laten.
 
Borging van IPM
Mansveld licht in haar brief toe dat rodenticiden opnieuw voor buitengebruik tegen de bestrijding van ratten kunnen worden toegelaten, indien het Ctgb heeft vastgesteld dat de risico’s van het gebruik afdoende zijn beperkt. Gezamenlijk met brancheorganisaties is gezocht naar het beperken van deze risico's in de vorm van het vastleggen van een werkwijze voor de beheersing van rattenpopulaties waarbij de beginselen van Integrated Pest Management (IPM) als uitgangspunt worden genomen. Destijds heeft de NVPB het initiatief genomen voor de ontwikkeling van een protocol waarin een dergelijke werkwijze wordt vastgelegd. Het Ctgb heeft eisen gesteld waaraan een protocol moet voldoen, waarbij bijzondere aandacht uitgaat naar de onafhankelijke borging in de praktijk. Het Ctgb heeft de eisen gepubliceerd op haar website. De NVPB heeft inmiddels grote stappen gezet om tegemoet te komen aan deze eisen in de vorm van een handboek voor het beheersen van rattenpopulaties buiten gebouwen, waar het praktisch ingestoken IPM-protocol onderdeel van uitmaakt. Deze oplossingsrichting wordt onderschreven door de Staatssecretaris blijkt uit de brief.
 
Certificering, scholing en examinering per 2017
De Staatssecretaris geeft in haar brief aan dat de sector in 2017 aan de eisen van het Ctgb moet voldoen. Nadat het handboek van de NVPB volledig door het Ctgb is beoordeeld en goedgekeurd, zal worden gestart met de ontwikkeling van een certificeringsschema en de scholing en exameneisen. Als de certificering en scholing gereed zijn, moeten bedrijven en gebruikers nog voldoende gelegenheid hebben om zich te certificeren c.q. te scholen. Dit moet dus allemaal gebeuren voor 2017. Er is dus nog werk aan de winkel, zodat ook op de lange termijn de mogelijkheid bestaat om rodenticiden buiten te gebruiken in de gevallen dat dit noodzakelijk is.
 
Gevolgen voor het bedrijfsleven
Mansveld geeft aan zich te zullen inzetten voor efficiëntie en het treffen van kosteneffectieve maatregelen. Dit neemt niet weg dat professionalisering inspanningen vergt van het bedrijfsleven. Alle gebruikers moeten aantoonbaar volgens een minimumstandaard buiten rattenpopulaties beheersen. Mansveld geeft daarbij aan dat afwijkende regelingen voor deelsectoren niet gerechtvaardigd kunnen worden. Dat geldt ook voor de agrarische sector, waar zo’n 70% van de middelen wordt gebruikt.

De NVPB verwacht dat de kosten voor de plaagdiersector beperkt zullen zijn, omdat deze bedrijven grotendeels al werken conform IPM en ervaring hebben met certificeringen, scholingen en examinering. De bestaande certificeringen en scholingen zullen de komende periode kunnen worden aangevuld met specifieke onderdelen gericht op IPM-buitengebruik. De gevolgen voor de agrarische sector zullen waarschijnlijk ingrijpender zijn, mede omdat het in deze sector niet gangbaar is om examens af te nemen. Dit is echter wel noodzakelijk volgens de eisen van het Ctgb. Agrariërs die rodenticiden op eigen terrein willen toepassen worden momenteel al wel omgeschoold, maar deze scholing is niet specifiek gericht op IPM-buitengebruik en daarnaast worden geen examens afgenomen.
 
Overgangsregeling tot 2017
In de Kamerstukken wordt ook stilgestaan bij de overgangsregeling die door het Ctgb is getroffen, waardoor het buitengebruik tot 2017 mogelijk blijft. De regeling houdt in dat bedrijven die de rodenticiden buiten willen toepassen zich moeten melden bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILenT) en dat zij conform IPM moeten handelen.

De overgangsregeling voor buitengebruik is beperkt tot de rodenticiden die daarvoor een specifieke toelating hebben verkregen. De toelatinghouders van rodenticiden moeten bij het Ctgb een aanvraag indienen ovoor uitbreiding van het gebruiksvoorschrift. Hierover heeft de NVPB nauw contact met het Ctgb. Inmiddels is voor een beperkt aantal rodenticiden besloten de toelating uit te breiden. Het Ctgb zal dit op korte termijn communiceren middels een persbericht. De nieuwe toelatingen gelden pas als de besluiten van het Ctgb ook in de Staatscourant zijn gepubliceerd. Dit duurt meestal ongeveer 2 weken. Naar verwachting zullen op korte termijn nog andere uitbreidingen volgen, maar deze moeten nog worden aangevraagd door toelatinghouders of het Ctgb heeft geoordeling nog niet afgerond. De actuele gebruikersvoorschriften kunnen worden geraadpleegd op de website van het Ctgb.

Ook is het momenteel nog mogelijk om een aantal middelen buiten te gebruikeren, omdat nog een opgebruiktermijn geldt. Dat betekent dat deze middelen tot een bepaalde datum nog mogen worden gebruikt onder het oude gebruiksvoorschrift waar buitengebruik onderdeel van uitmaakte. Deze termijn verschilt per middel en loopt uiterlijk begin januari 2015 af.

Wij raden u aan om contact te houden met uw leverancier over de vraag of een middel (buiten) mag worden gebruikt.

Moties
Door Tweede Kamerleden van de VVD en de PvdA zijn tijdens het VAO Gewasbeschermingsmiddelen op 18 december 2014 moties ingediend over het buitengebruik. Helma Lodders (VVD) heeft de regering verzocht het verbod op buitengebruik van rodenticiden met een jaar uit te stellen. Deze motie is verworpen. Daarnaast heeft Lodders de regering verzocht te voorkomen dat de implementatie van het IPM-protocol voor buitengebruik van rodenticiden tot een toename van de administratieve lasten en nalevingskosten voor agrarische ondernemers leidt. Deze motie is aangenomen. Tot slot heeft Lutz Jacobi (PvdA) de regering verzocht met een planmatige en samenhangende aanpak voor de preventie van plaagdieren en de preventie van biociden te komen. Deze motie is aangenomen. De NVPB verwacht dat de aangenomen moties niet zullen leiden tot wijzigingen van het beleid van I&M. Bovendien is de motie van Lutz Jacobi ondersteunend aan de koers waarop is ingezet.


Nieuwsarchief