De steenmarter, wat te doen bij overlast?

08-04-2015
De steenmarter is een beschermde diersoort. Door geluidsoverlast of stankoverlast kunnen mensen echter hinder ondervinden van de steenmarter. Hoe is de steenmarter te onderscheiden van andere diersoorten en welke mogelijkheden biedt de wet als er overlast is van de steenmarter?

Hoe ziet een steenmarter er uit?

De steenmarter is qua bouw vergelijkbaar met een slanke kat. Kenmerkend voor steenmarter zijn de  van donkergrijze tot grijsbruine vacht met een witte ondervacht. Zijn neus is onbehaard en zalmkleurig. Zijn oren zijn vrij kort en rond. De steenmarter heeft een witte of crèmekleurige vlek van zijn keel tot aan zijn poten. Hierdoor kan de steenmarter worden onderscheiden van de boommarter; die heeft een gele vlek op zijn keel.

Door geluidsoverlast of stankoverlast kunnen mensen hinder ondervinden van de steenmarter. De steenmarter kan een urinegeur achterlaten een rommelend geluid maken. Aan zijn geluid valt op dat de steenmarter zwaarder is dan de rat en de muis. De steenmarter maakt geen tippelend geluid, maar eerder een rommelend geluid. Het kan zelfs klinken alsof er een inbreker in huis is. De steenmarter is met name 's nachts actief. Hij slaapt met tussenpozen op verschillende plaatsen. De steenmarter kan ook kabels aanvreten en daardoor schade veroorzaken. Het is een roofdier en hij eet graag eieren, ratten en muizen, maar ook plantaardig voedsel zoals vruchten, gewassen op het land en ander voedsel wat mensen achterlaten.


 
Gedrag
Steenmarters ervaren geluidsoverlast als belastend. De steenmarter zal zijn habitat bij voorkeur in en om heggen en struwelen, stenen muren en gebouwen hebben. De steenmarter begeeft zich graag in stedelijke gebieden maar ook op het platte land. Ze hebben soms meerdere schuilplaatsen zoals takkenhopen, boomholtes, struwelen, op zolders en in kruipruimten. De steenmarter is dan ook gevoelig voor het verlies van geschikte schuilplaatsen en ook voor het verlies van voedselaanbod, zoals fruitbomen.
De steenmarter is een territoriaal dier. Hij laat sporen na en kan binnen een straal van 25 km zijn territorium terugvinden. Als de steenmarter wordt weggehaald uit zijn gebied is de kans aanwezig dat een volgende steenmarter het gebied overneemt. De paartijd loopt van juli tot augustus.
 
Beschermde diersoort
De steenmarter is een beschermde diersoort. Tot 1942 was het toegestaan om op de steenmarter te jagen. De populatie steenmarters nam hierna sterk af. De steenmarter is later opgenomen in de Flora- en Faunawet en is een van de soorten die een speciale status heeft gekregen waardoor deze extra streng beschermd is. Dat betekent dat men voldoende zorg in acht dient te nemen voor de steenmarter en hun directe leefomgeving net als voor andere door de Flora en Faunawet beschermde planten en dieren. Het is niet toegestaan om de steenmarter te vangen, te verjagen of te doden. Verder mogen ook geen nesten worden verstoord, weggehaald, beschadigd of vernield. De populatie steenmarters is inmiddels weer toegenomen.
Er zijn uitzonderingen mogelijk op deze verboden, die worden hieronder verder beschreven.
Boeren kunnen bij het Faunafonds compensatie vragen als zij schade aan gewassen hebben opgelopen door de steenmarter. Een gemeente kan zelf meldingen verzamelen van overlast van steenmarters. Bij het nemen van maatregelen tegen schade is de hulp van een professionele plaagdiermanager van belang.
 
Uitzondering: ontheffing per geval
Er is een aantal uitzonderingen mogelijk op de bescherming die de Flora en Faunawet biedt. Er kan bij de provincie ontheffing worden aangevraagd voor de verboden die gelden voor steenmarters. Ontheffing mag worden verleend in het belang van “voorkoming en bestrijding van schade of belangrijke overlast veroorzaakt door steenmarters aan gebouwen”. Dit mag echter alleen als er geen afbreuk wordt gedaan aan de instandhouding van de steenmarters. De steenmarter als soort mag niet in gevaar komen. De provincie zal dat afwegen in haar beslissing om wel of niet ontheffing te verlenen. Per melding of geval kan de provincie beslissen om ontheffing te verlenen. Ontheffing kan bijvoorbeeld inhouden dat bepaalde verboden (het verbod om een steenmarter te verjagen of te vangen) voor een bepaald geval en een bepaald tijdstip niet van kracht is. De professionele plaagdiermanager kan dan zorgen dat de overlast op die plaats wordt verholpen.
 
Uitzondering: ontheffing o.b.v. beheerplan
De provincie kan ook op basis van een (fauna)beheerplan voor de steenmarter een ontheffing verlenen. In dat geval kan de ontheffing worden verleend voor een langere periode (max. 5 jaar) en voor bepaalde afgebakende periode. Een beheerplan kan gericht zijn op preventie van overlast en schade. Als er sprake is van stank en overlast door de steenmarter is dit bijvoorbeeld een mogelijkheid.
 
Uitzondering: ontheffing o.b.v. wijziging in bestemmingsplan
Er kan ook een ontheffing worden verleend als er een bestemmingsplanwijziging is. Bijvoorbeeld als er een vergunning wordt verleend om in een bepaald gebied huizen te bouwen. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland  (RVO) kan op deze grondslag ontheffing verlenen, bijvoorbeeld als er bouwplannen zijn voor plaatsen waar steenmarters hun habitat hebben.
 
Preventiemaatregelen vragen aanvragen Bij12
Naast de mogelijkheid om ontheffing aan te vragen kunnen in bepaalde gevallen preventieve maatregelen worden genomen om schade te voorkomen. De unit Faunafonds van de organisatie die provincies adviseert, genaamd Bij12, bepaalt per geval welke maatregelen dat zijn. Een aanvraag om preventieve maatregelen te nemen kan worden ingediend bij info@bij12.nl. Dit wordt van geval tot geval bepaalt. Zie ook www.bij12.nl.






Nieuwsarchief